NRC | Kenley Jansen, kampioen in de Major League:’Je moet een dikke huid hebben en een harde kop om te doen wat ik doe’

Interview | Danielle Pinedo

Soms moet je bloeden voor je bloopers

Honkbal De Curaçaose pitcher Kenley Jansen (33) won dit jaar voor het eerst de World Series, met Los Angeles Dodgers. „Als ik goed in mijn vel zit, kan ik iedereen aan.”

Pas na zes keer bellen neemt Kenley Jansen op het afgesproken tijdstip de telefoon op. Het is vroeg in de ochtend, hij doet oefeningen in zijn private gym op het schiereiland Palos Verdes, niet ver van LA. „Brand los”, zegt hij verontschuldigend. Ruim een maand geleden won Jansen met zijn club Los Angeles Dodgers de World Series. De titel is de kroon op de carrière van de 33-jarige honkballer, die tien jaar jaar geleden zijn eerste wedstrijd voor the boys in blue speelde.

Hij verruilde zijn geboorte-eiland Curaçao op zijn zeventiende voor de VS, waar hij uitgroeide tot een van de meest succesvolle ‘closers’ – pitchers die aan het eind van een wedstrijd de zege veilig moeten stellen.

Maar hoe beroemd en gefortuneerd hij ook is – zakenblad Quote schat zijn vermogen op 93 miljoen euro – hij zal nooit vergeten waar hij vandaan komt. Een eiland met 160.000 inwoners dat zeven honkballers in de Major League heeft spelen verdient volgens hem meer dan één honkbalveld. Om de ergste noden te lenigen geeft Jansen clinics en laat hij elk jaar outfits en knuppels bezorgen. Hij mengt zich niet graag in politiek, zegt hij, maar „het zou de Nederlandse overheid sieren als zij een helpende hand zou toesteken”.

Jansen groeide op in een middenstandsgezin met drie kinderen in Willemstad. Zijn vader had een klein bouwbedrijf, zijn moeder was reisagent. Zijn oudere broers Verney en Ardley waren honkbalfanaten, die hele dagen doorbrachten op het trainingsveld. „Mijn vader bracht en haalde ze. Ik ging met hem mee. Als hij tussentijds naar zijn werk moest huilde ik.”

Zelf begon Kenley te honkballen toen hij zes was. Hij volgde als kind een clinic van oud-honkballer Hensley Meulens, die het Nederlandse honkbalteam leidt en afgelopen zomer zijn debuut maakte als assistent-coach van New York Mets. „Die clinic maakte veel indruk. We stonden in het Rif Stadium in Otrabanda en ik dacht bij mezelf: waarom zou ik niet naar Amerika kunnen? Ik nam me voor daar alles aan te doen.”

Ik denk zeker dat mijn Covid-besmetting impact op het seizoen heeft gehad

Op zijn twaalfde dreigde zijn droom in duigen te vallen toen zijn vader een beroerte kreeg. „Hij had een hoge bloeddruk en kon niet meer werken. Mijn moeder moest vanaf toen het gezin onderhouden. Een tijd lang hebben we geworsteld, maar goddank kreeg mijn broer Ardley een contract bij Atlanta Braves. Dat heeft ons er financieel doorheen gesleept.”

Welke lessen heb je uit die periode getrokken?

„Dat niets permanent is. Alles komt en gaat, inclusief het leven zelf. Ik kan zaken denk ik heel goed relativeren. Roem doet me bijvoorbeeld niets. En van honkbal zeg ik altijd dat het niet mijn leven is, maar een deel van mijn leven.”

Hoe vluchtig roem is merkte je in de World Series. Het bleef lang spannend tegen Tampa Bay Rays door een aantal blunders bij de Dodgers. Vooral jij kreeg bakken kritiek over je heen.

Hij zucht. „Mensen hebben een kort geheugen. Ze denken dat wat ik doe een koud kunstje is. Maar ik daag ze uit: hier heb je een handschoen en een bal. Als je twee strikes achter elkaar gooit sta ik je te woord. Ik ben niet verwaand, maar soms vind ik het allemaal wat makkelijk geoordeeld.

„Closer is een zware rol, vooral mentaal. Je moet een dikke huid hebben en een harde kop om te doen wat ik al zo lang doe. Ik heb mezelf geleerd niets van die kritiek – of beter: herrie – aan te trekken.”

Toch moet het pijnlijk zijn: analisten die tijdens een mindere fase over je opvolger speculeren.

„Ik respecteer de media, maar ze zijn de afgelopen jaren wel steeds negatiever geworden. Ik draag dit team al jaren op mijn schouders. Als ik goed in mijn vel zit kan ik iedereen aan. Dat is geen ego-ding, ik heb gewoon zelfvertrouwen. En dat zelfvertrouwen zorgt ervoor dat ik goed gedij. Dus was ik bezorgd over mijn positie? Nee. Wel besefte ik dat mijn frustratie niet de overhand mocht krijgen, dat ik mezelf moest zien te herpakken. Ik schakelde de hulp in van mijn oude pitchingcoach, die me foto’s en filmpjes liet zien van toen ik bij de Dodgers begon. En verder putte ik vertrouwen uit de woorden van clubmanagers Dave Roberts en Andrew Friedman. ‘Doe je best’, zeiden ze. ‘We rekenen op je’.”

Je kreeg ook met racisme en doodsbedreigingen te maken, toch?

„Doodsbedreigingen? Come on. Ik neem dat echt niet serieus. Wat voor mij telt is dat ik mijn vrouw en kinderen [hij heeft een dochter van zeven en twee zoons, van vijf en twee] om me heen heb als ik ’s ochtends wakker word. Die lachende gezichtjes zorgen ervoor dat ik tegenslag overwin en hatelijke reacties van me af kan laten glijden.”

Oud-honkballer Robert Eenhoorn vergeleek de rol van closer met die van de keeper in het voetbal. ‘Je kan je achter niets of niemand verschuilen’, zei hij.

„Een goede vergelijking. Er kan veel misgaan in een wedstrijd, maar ik krijg als closer altijd de schuld. Dat hoort bij dit werk. Als je daar niet mee kan omgaan kan je beter stoppen. Soms moet je bloeden voor je bloopers.”

Kenley Jansen in actie in de World Series. Foto Maxx Wolfson/AFP

Net als veel andere ingezetenen van de Verenigde Staten maakt Jansen zich zorgen over de toenemende polarisering en de snelle verspreiding van de coronapandemie. Hij spreekt zich minder vaak uit dan andere boegbeelden van de Amerikaanse sport, maar ook hij gruwt van de beelden van politieagenten die inslaan of schieten op zwarte burgers. „Alle levens zijn belangrijk. Iedereen verdient dezelfde kansen. Stop de haat. Wie in God gelooft probeert anderen te helpen en houdt van zijn buur. De president van Amerika heeft goede en slechte kanten, maar hij heeft zijn land – en de wereld – geen vrede gebracht. Hij heeft geen einde aan de haat gemaakt.”

Word je zelf vaak racistisch bejegend?

„Jazeker. In winkels, op straat, in het stadion, you name it. Natuurlijk is het pijnlijk en irritant, maar ik probeer er boven te staan. Mijn ouders hebben mij al jong geleerd dat racisme voortkomt uit onwetendheid. Mensen weten niet beter, ze zijn onzeker.”

Hoe ziet dat er in de praktijk uit: er boven staan?

„Ik loop weg. Mijn gevoel zegt dat mensen van pakweg vijftig en ouder niet meer zullen veranderen. Ik vestig mijn hoop op de jongere generaties en hoop dat we hen met goed onderwijs tot beter gedrag kunnen aanzetten.”

Goede voorlichting zou ook de pandemie-bestrijding in de VS ten goede komen. De cijfers blijven maar oplopen en lang niet iedereen maakt zich daar zorgen over.

„Covid-19 is een groot probleem bij ons, maar soms vraag ik me af of het middel niet erger is dan de kwaal. Kijk hoeveel ondernemingen failliet gaan en mensen in armoede vervallen. We kunnen alleen maar bidden dat er volgend jaar een oplossing komt voor dit probleem.”

Zelf ben je ook besmet geraakt.

„Eind juni, ja. Het was zwaar, ik heb behoorlijk geworsteld. De eerste vier dagen deed mijn hele lichaam pijn. Ik heb nooit hoge koorts gehad, maar de pijn was soms niet te harden. Mijn vrouw had hoge koorts, ook mijn kinderen hadden het moeilijk.”

Terwijl je de afgelopen jaren twee keer bent geopereerd vanwege hartritmestoornissen. Maakte dat het niet extra spannend?

„Ik zit in een grijs gebied, omdat ik een hoge bloeddruk van mijn vader heb geërfd. Sinds mijn 21ste slik ik daarvoor medicijnen. Dat maakt mij nerveus, maar wat kan ik doen behalve voorzichtig zijn en goed voor mezelf zorgen? Ik drink veel gemberthee, eet weinig suikerproducten en slik vitamines. Een voedingsdeskundige van de Dodgers heeft mij daarbij geholpen.”

Je begon ook later aan het seizoen. Had dat met de besmetting te maken?

„Ik heb maar een week training gehad. Gelukkig kon ik dat thuis in mijn gym een beetje compenseren, maar ik denk zeker dat Covid impact heeft gehad op het seizoen. Elke sporter kent ups en downs, maar als closer moet je wedstrijden afmaken. Je mechanieken mogen niet haperen en dat deden ze bij mij wel. Dan moet je onder grote tijdsdruk zien uit te vogelen wat er aan de hand is. Dat lukt alleen als je hard bent voor jezelf en je mislukkingen accepteert. De rol van closer moet je in feite elke keer opnieuw verdienen.”

Ik wil mijn kinderen goed onderwijs bieden. Ze moeten zelf leren vissen. Ik ga ze niet mijn eigen gevangen vis voeden

Zijn contract loopt nog tot 2022. Wat hij daarna gaat doen weet Jansen niet, maar zeker is dat hij nog steeds hongerig is naar succes. „Ik wil deze sport zo lang mogelijk blijven beoefenen en als ik ’m niet meer kan beoefenen wil ik er onderdeel van blijven uitmaken.”

Hij heeft geen plannen om na zijn sportpensioen terug te keren naar Curaçao.

„Volgend jaar word ik Amerikaans staatsburger. Mijn kinderen zijn in LA geboren en getogen. Hoeveel ik ook van Curaçao houd, het zou van egoïsme getuigen als ik de VS zou verlaten. Ik wil mijn kinderen goed onderwijs bieden. Ze moeten zelf leren vissen. Ik ga ze niet mijn eigen gevangen vis voeden.”

Robert Eenhoorn zei dat hij je in de toekomst best als coach van het Nederlandse team ziet. ‘Kenley is een rustige, analytische, evenwichtige man met veel ervaring’, zei hij.

Blij verrast: „Oh ja? Uit zijn mond betekenen die woorden veel voor me. En het zou ook geweldig zijn, coach van Nederland, ik heb tenslotte een Nederlands paspoort. Plezier maken als pensionado is aanlokkelijk, maar ik hóud van deze sport, ik zou me geen leven zonder honkbal kunnen voorstellen.”

Bron: NRC Handelsblad

13 Reacties op “NRC | Kenley Jansen, kampioen in de Major League:’Je moet een dikke huid hebben en een harde kop om te doen wat ik doe’

  1. @Brian S: Waarom moet hij een zwarte vrouw nemen? Hij moet toch een vrouw nemen waar hij van houdt en gelukkig bij voelt? Dat moet toch het uitgangspunt zijn? Dat hij vaak racistisch bejegend wordt, heeft toch niets te maken met de huidskleur van zijn vrouw? En mocht dat de reden zijn van de bejegening, dan is er geen land te bezeilen met die mensen. Je kan maar beter van weglopen.

  2. ….”Van het eiland gevlucht en nu woont ze in Nederland.. Tussen de mensen waar ze een hekel aan had”…

    @Brian, een ander geval!
    Maar het idee is exact hetzelfde.

    Ik ken veel van deze gevalletjes.
    Nog een ander die stelde: Nederlanders en blanken zijn inherent racistisch.

    Snauwt een zwarte medewerkster bij de kassa af omdat ze haar volgens haar niet snel genoeg helpt.
    De vrouw geeft haar de volle lading terug…en mevrouw BLM noemt haar: Krinki krinki.

    Ik gun iedereen eennrechtvaardig leven.
    Maar die BLM virtue signalers zijn de grootste hypicrieten ter wereld.

    Breek me de bek niet open over “racoism en colourism op dit eiland.

    Net als die “papiamentu ta bai skol” preachers!!¡

  3. Ik ken zo een BLM blèrrer.

    Was zij getrouwd met een radicale PS aanhanger?

    Die was ook zover. Ze had een hekel aan makambas en andere witte mensen (zoals zij). Ze kon de pijn van de slaven voelen.

    Maarja deze radicale PS man heeft losse handjes.

    Van het eiland gevlucht en nu woont ze in Nederland.. Tussen de mensen waar ze een hekel aan had

  4. ik heb mijn pik zwarte vrouw 25 jaar in NL ontmoet en woon nu al bijna 20 jaar op Curacrim naar mijn zin.

    Oud eigenaar van Miles heeft ook een pikzwarte YDK en liet veel YDK muzikanten bij Miles spelen (en betaalde ze ook!). Toch werd hij behandeld als een Nazi KKK aanhanger die zich zelf rijk had gemaakt over het zweet van YDK slaven.

  5. Abraham Mossel

    @ Drekkie als er een racist op dit eiland rond loopt dan ben jij dat wel. En wat betreft ik zelf, ik zal je effe uit je Abraham Mossel racisten droom helpen, ik heb mijn pik zwarte vrouw 25 jaar in NL ontmoet en woon nu al bijna 20 jaar op Curacrim naar mijn zin. Wat racisme op het eiland betreft heb je wel gelijk ik word inderdaad door ouwe lullen zo als jij met een koloniaal idee nog steeds gediscrimineerd, maar niet door voor mij bekenden mensen, zwart/ wit / geel / rood of Albino kleur, tevreden Drekkie??, nu jij weer lam L.L.

  6. @Brian S.
    Ik ken zo een BLM blèrrer.

    Altijd grote smoel over racisme, KOZP, leeft op grote voet, inwonend diensmeisje…

    Totdat haar zwarte vriend haar een keer door alle hoeken van de kamer mepte omdat ze naar zijn smaak een beetje te grote mond kreeg en eiste dat hij haar huis moest moppen, je weet wel van die linkse meisjes die denken dat ze de man wel even kunnen temmen en feminiseren.

    Nou toen was hij gelijk een nigger stinki!

  7. Veel van de grote BLM schreeuwers nemen zelf een witte of zeer licht gekleurde vrouw. Kenly trouwens ook.

    Waarom geen donkere vrouw nemen?

  8. Gekleurden mogen onbeperkt racistisch zijn @Henk

    Juist!
    Niet eens zozeer zwart. Vaak diegene die er tussen hangen

    Van die types die hard roepen dat blanken racisten zijn.
    Totdat hun dochter met een dikke grote dòlò thuis komt die zwarter is dan die van hem. Nou dan is de buurt te klein!

    Hypocrieten hier opdit eiland.

    Dan die gekleurde fanatiekerds, die KOZP gillen , BLM, laat zwart inwonend dienstmeisje uit Santo domingo 3 shifts van 4 uur werken op een dag, 500 per maand….

    Van die salon idealisten mentaliteit.

  9. Gekleurden mogen onbeperkt racistisch zijn.

    Racisme is alleen verboden voor blanken.

  10. Nog nooit zoveel racisme en zure smoelwerken in winkels meegemaakt als op dit eiland.

    The issue met black people, ze blijven altijd klagen over racisme.
    Ook als ze de first lady van een blank land als de USA worden.

  11. Kijk je naar een gekleurde, dan ben je een racist.

    Kijk je niet naar een gekleurde, dan ben je ook een racist.

    Racisme is de nationale sport op dit eiland, en wel zoveel mogelijk cashen met zo weinig moeilijk doen door de gediscrimineerde dramaqueen uit te hangen.

    Menki Rojer is de beste sportman van Curacao.

    En het casino.

  12. Drechi pa bosnan Tur

    @Rechtsstaat:
    Zo is dat.
    Met mensen als Wim en Bram en Kaat en Trui en… (Ze weten echt wel wie ze zijn) is het een gegeven als je als YDK racistish onheus wordt bejegend. Bah…..

  13. De Rechtsstaat

    Word je zelf vaak racistisch bejegend?

    „Jazeker. In winkels, op straat, in het stadion, you name it. Natuurlijk is het pijnlijk en irritant, maar ik probeer er boven te staan. Mijn ouders hebben mij al jong geleerd dat racisme voortkomt uit onwetendheid. Mensen weten niet beter, ze zijn onzeker.”

    Hoe ziet dat er in de praktijk uit: er boven staan?

    „Ik loop weg. Mijn gevoel zegt dat mensen van pakweg vijftig en ouder niet meer zullen veranderen. Ik vestig mijn hoop op de jongere generaties en hoop dat we hen met goed onderwijs tot beter gedrag kunnen aanzetten.”

    Betreurenswaardig, de zwartenpietenkaart niet als “NEL” in het spel te brengen, wat een boer zeg.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *