Goedkope benzine nekt Venezuela

benzine-moordend3Willemstad – In een artikel in zakentijdschrift Forbes van vorige week schetst de auteur het doemscenario van een in elkaar stortende economie als gevolg van de goedkope, gesubsidieerde benzineprijs in Venezuela.

Advertentie

De regering zit klem, omdat het volk bij de verhoging van de benzineprijs in opstand zal komen, zo stelt het artikel.
Het land produceert circa 2,5 miljoen vaten per dag, ongeveer evenveel als Irak.
Het nationale olieverbruik ligt op 800.000 vaten per dag, op jaarbasis betekent het 290 miljoen vaten aan gesubsidieerde olie.
De gesubsidieerde benzine kost de regering circa 1,62 dollar per gallon, dus 70 dollar per vat, uitgaande van een ‘break even’.
De Venezolaanse raffinaderijen produceren niet voldoende brandstof om aan de nationale vraag te voldoen, staatsoliebedrijf PdVSA is gedwongen om circa 80.000 vaten per dag aan geraffineerde producten in te voeren tegen 2,50 dollar per vat.
De gesubsidieerde benzine kost PdVSA 50 miljard dollar per jaar.
Als de lokale olieconsumptie van 800.000 vaten per dag afgetrokken wordt van de 2,5 miljoen vaten die het land per dag produceert, houdt het land 1,7 miljoen vaten per dag over om op de internationale markt te verkopen.
Maar na aftrek van betaalverplichtingen en de levering van gesubsidieerde olie aan buurlanden, blijven er 1,3 miljoen vaten per dag over om op de internationale markt te verhandelen.
PdVSA heeft onder andere bij China grote leningen afgesloten om de gesubsidieerde benzine te financieren.
China wil in olie terugbetaald worden, het gaat om 300.000 vaten per dag.
Door de afbetaling aan China houdt Venezuela slechts 1,4 miljoen vaten per dag over om op de markt te verhandelen.
Met de levering van gesubsidieerde olie aan onder andere Cuba en Nicaragua via Petro Caribe en de levering van stookolie via Citgo aan arme gezinnen in de Verenigde Staten, houdt het land uiteindelijk 1.3 miljoen vaten per dag over om te verhandelen. De verkoop van deze 1,3 miljoen vaten per dag levert op jaarbasis 50 miljard dollar op, de buitenlandse reserves van het land bestrijken 95 procent van dat bedrag.
Het land is volgens de auteur niet in staat om zelf uit de problemen te raken.
De olieproductie in het land daalde als gevolg van natuurlijke oorzaken bij de olievelden.
Het staatsoliebedrijf zou volgens schema dit jaar 20 miljard dollar in de productie investeren.
Buitenlandse oliemaatschappijen pleiten ervoor dat Venezuela investeert om de productie op te voeren, ook zouden zij bereid zijn om het land meer leningen te verstrekken.
De beste manier om de olieproductie te vergroten is om de voorraden in het Orinocogebied te exploiteren.
Om de productie daar met 1,5 miljoen vaten per dag te verhogen is een investering van 100 miljard dollar nodig voor boorinstallaties en voorzieningen om de zware olie uit het gebied te bewerken tot een exportproduct.
Maar PdVSA zou tot nu toe geen interesse hierin hebben.
Ondertussen wachten de buitenlandse oliemaatschappijen af.
In de VS zijn er genoeg plekken waar naar olie geboord kan worden, de buitenlandse maatschappijen hebben hun oog op Mexico laten vallen.
Zij wachten ook het moment af dat het weer veilig is om in het land te investeren.
Het artikel in Forbes concludeert dat er een moment zal aanbreken waarop de Venezolaanse regering door haar voorraad dollars heen raakt, de reserve die hard nodig is om de buitenlandse schulden af te lossen en goederen te importeren.
Verwacht wordt dat de levering van gesubsidieerde benzine via Petro Caribe zal stoppen.
En dat het Venezolaanse volk op een dag noodgedwongen veel meer voor de benzine zal moeten betalen.

Bron: Antilliaans Dagblad

Advertentie

back home

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *