AntilliaansDagblad | ‘Armoedewet is niet nodig’

Armoede | Foto Dushi

Willemstad – In het kader van de integrale armoedebestrijding op Curaçao, stelt de SER van mening te zijn dat het momenteel ontbreekt aan ‘een gericht economisch beleid’.

,,Er is behoefte aan een economisch – en maatschappelijk – ontwerp dat een duidelijke richting van de economie voor het komende decennium weergeeft. Vandaar dat de SER het opportuun acht om een gericht economisch beleid te ontwikkelen”, stelt de Sociaal-Economische Raad in reactie op het adviesverzoek van de Staten over de initiatiefontwerplandsverordening regelende een integrale armoedebestrijding voor het Land Curaçao.

De indieners hiervan zijn de leden van de PAR-fractie in de Staten. Begin oktober 2020 stuurde deze grootste fractie, tevens regeringsfractie, het verzoek om advies in. De indieners willen met dit initiatiefwetsontwerp ‘een integrale en structurele aanpak ter bestrijding van de hardnekkige en groeiende armoede en sociale uitsluiting op Curaçao tot stand brengen’.

De SER – gevormd door vertegenwoordigers van het bedrijfsleven, werknemersorganisaties en deskundige onafhankelijke leden (tripartiet dus) – komt tot het opvallende oordeel ‘dat er reeds veel kennis is met betrekking tot de aanpak van de armoedeproblematiek’ en meent dat ‘daarop voortgeborduurd kan worden ten behoeve van een integraal, multidimensionaal armoedebeleid’. Met andere woorden: er is al veel informatie over hoe het moet, maar daar moet nu werk van worden gemaakt.

,,In het licht daarvan geeft de SER de initiatiefnemers in overweging om niet zozeer nieuwe wetgeving inzake het onderwerp armoedebestrijding te willen bewerkstelligen, maar om op grond van de aan de Staten toebedeelde bevoegdheid om de regering te controleren de vinger aan de pols te houden met betrekking tot het gevoerde beleid en uitvoering.” Anders gezegd: de 21 parlementariërs – van coalitie én oppositie – moeten het kabinet veel meer aanspreken en erop aansturen dat de regering doet wat is aangekondigd en beloofd.

De SER verwijst in dit verband, maar gezien het ‘ontbreken van gericht economisch beleid’, op het recent met Nederland overeengekomen Landspakket Curaçao: in het Landspakket wordt meer specifiek verwezen naar een ‘weerbare economie’. ,,Het lijkt erop dat het om houdbaarheid gaat, het bieden van tegenstand of weerstand.”

Maar gezien het feit dat ‘de gemeenschap de som is van alle individuen’, is het belangrijk inzicht te hebben in de dimensies die áchter een gezonde verdere ontwikkeling schuilgaan. ,,Het betreft de fysieke, emotionele en sociale weerbaarheid, en de optelsom van deze drie weerbaarheden leidt tot mentale weerbaarheid. In dat opzicht acht de SER het van belang om bij het (armoede)beleid stil te staan bij die weerbaarheid, die binnen het ontwerp van een gericht economisch beleid een praktische invulling kan krijgen.”

‘Gebruik Baseline Study Armoede’
Interessant is dat bij de uitvoering van de Baseline Study Armoede, het begrip weerbaarheid, binnen de bredere context van empowerment, al werd meegenomen als dimensie van de Armoede Scorecard Curaçao. Heel veel is al bekend; het komt nu aan op doorpakken.

,,Maak gebruik van de Baseline Study Armoede als initiatief dat vanuit het Urgentieprogramma werd opgepakt en vraag naar de actuele stand van zaken”, is een eerste concrete suggestie aan de Statenleden.

,,Kijk tevens, eventueel in overleg met de onderzoekers en andere stakeholders, naar de gehanteerde definitie van armoede en de toepassing ervan via het meetinstrument ‘de Armoede Scorecard Curaçao’.”

Ook: ,,Vraag naar de actuele stand van zaken bij de overheid inzake de eindevaluatie, dan wel status, van het Urgentieprogramma, zijnde een actieprogramma gericht op het verbeteren van de leef-, woon- en werksituatie van burgers, om armoede op wijkniveau aan te pakken.”

De SER wijst erop dat in het basisdocument van het Urgentieprogramma er een expliciete verwijzing is naar het reguliere armoedebeleid en de reguliere wijkaanpak. ,,Vraag naar de status van dit beleid, zijn werkbaarheid, merites en uitdagingen ten aanzien van een integrale aanpak.”

En verder: ,,Kijk verder naar de kruisverbanden die er zijn met alle andere beleidsterreinen, wat hierover aan informatie al beschikbaar is, wat er werd bereikt, wat er (nog) moet worden opgepakt en hoe dit kan worden ingezet bij het optimaliseren van een integraal armoedebeleid.” En zo geeft het tripartiete adviescollege de 21 parlementariërs het nodige huiswerk mee.

Wat gebeurt er al?
In het Regeerakkoord ‘Het maximale halen uit de potentie van Curaçao’ van mei 2017 is er speciale aandacht voor onderwijs, vorming en armoede. In hoofdstuk 3 ‘Sociale Ontwikkeling, Arbeid en Welzijn’ wordt aangegeven dat het welzijn van mensen centraal staat en dat om dit te bereiken het interministeriële werken met aandacht voor armoedebestrijding van groot belang is.

Het daaropvolgende Regeerprogramma 2017-2021 ‘Ontplooien van Curaçaos potentieel’ legt de nadruk op een inclusieve samenleving met daarbij als belangrijkste prioriteiten het creëren van werkgelegenheid en het bestrijden van armoede. Als onderdeel van de integrale en interministeriële programma’s en projecten werd het Urgentieprogramma (UP) ontwikkeld: Urgentieprogramma ‘Pa mehora kalidat di biba den bario’ van augustus 2017.

Dit programma is gericht op de bestrijding van armoede, in het bijzonder onder kinderen en jongeren. Het is een actieplan om in de praktijk te onderzoeken hoe armoede effectief verminderd kan worden op wijkniveau.

In het kader van het UP is een baselinestudie uitgevoerd met als onderzoeksvraag: ‘Hoe ziet de actuele situatie ten aanzien van armoede eruit in de werkgebieden van het Urgentieprogramma?’, waarbij er volgens de onderzoekers is gekozen voor de wereldwijd meest gangbare, multidimensionale, definitie van armoede.

De Multi Poverty Index (MPI) is ontwikkeld door de Oxford University. Deze MPI werd door het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) Curaçao toepasbaar gemaakt voor de lokale context: ‘Armoede: een subjectieve benadering, Resultaten van het budgetonderzoek 2016, oktober 2019’.

Daarnaast hebben de onderzoekers van de baseline studie de ‘Armoede Scorecard Curaçao’ ontwikkeld (E. Hellings en M. Griffith-Lendering, Baseline Study Armoede, Urgentieprogramma Curaçao, in opdracht van het ministerie van Algemene Zaken, Afdeling Beleidscoördinatie, 2018).
Daarbij kwamen zij uit op acht domeinen/dimensies en 26 indicatoren.

De belangrijkste conclusies uit dit rapport waren: (a) armoede in acht dimensies te onderscheiden en de uitkomsten maken inzichtelijk hoe de situatie er op dit moment per gebied en per dimensie uitziet; (b) de uitkomsten van de nulmeting kunnen dienen als referentiekader voor de meting van armoede op wijkniveau, gespecificeerd naar de acht dimensies; (c) op grond van het gebruikte stroomschema kan de selectie met betrekking tot de doelgroepen worden gemaakt.

In het kader van de vraag ‘Hoe ziet de actuele situatie ten aanzien van armoede eruit in de werkgebieden van het Urgentieprogramma?’ zijn vier wijken uitgelicht: Barber, Buena Vista, Montaña en Otrobanda. Het onderzoek werd uitgevoerd binnen het kader van een Theory of Change (ToC) en zoals gezegd is armoede benaderd vanuit een multidimensionale invalshoek.

Uitgangspunt van de MPI is dat het complexe concept armoede ‘niet sec vanuit het aspect inkomensniveau kan worden geanalyseerd’. Volgens genoemd rapport benadert de MPI de armoedeproblematiek vanuit drie domeinen (education; health; standard of living) met tien indicatoren, en wordt deze voornamelijk gebruikt om armoedeposities tussen landen met elkaar te kunnen vergelijken.

Op Curaçao werd er een koppeling gemaakt tussen armoede en ‘empowerment’ – de Wereldbank erkent empowerment als belangrijke voorwaarde om armoede te ontstijgen – zijnde de mate waarin mensen zelf in staat zijn om hun (armoede)situatie te doorbreken, met als belangrijke elementen veerkracht, zelfcontrole en zelfbeeld.

Foto’s Dushi
Bron: Antilliaans Dagblad

6 Reacties op “AntilliaansDagblad | ‘Armoedewet is niet nodig’

  1. Een probleem is pas een probleem als die acuut wordt.
    Statenleden/regering/Friends and family, het gaat goed met hen. Niets acuut, geen probleem. En daarbij profiteer je het beste van je rijkdom als inkomen ongelijkheid groot is.
    Er is dus absoluut geen reden om hier wat aan te doen.

  2. Abraham Mossel

    Armoedegrens, zolang ik nog alleen maar dik vol gevreten dames en heren zie lopen met volle supermarkt karretjes en in dikke nieuwe auto’s zie rond rijden valt de armoede op curacrim wel mee. Armoede zie je alleen in bij mondie bewoners, maar ook die hebben nog een dikke vol gevreten pens. echte armoe zie je in afrika waar je kinderen en moeders ziet met vel over been.

  3. Bij de MAN doen ze al jaren aan armoede bestrijding Voor f&f
    Zie salaris Leila “Gijsbertha”Lasten, de Geus destijds, en alle andere vriendjes

  4. Waarom urgentie, zolang nederland hier helemaal gratis voedsel uitdeelt is er toch helemaal niets om ons druk over te maken ? We kunnen dus gewoon doorgaan met feesten. Waarom zouden we immers zelf gekke henkie zijn ?

  5. Familie Lasten laat weten dat ze geen armoede kennen

  6. Dezelfde PAR die al decennia niets aan de schrijnende armoede heeft gedaan en op onderwijs er een potje van heeft gemaakt. Schaamteloze mensen!!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *