Twijfels over olieverkoop van Isla | Antilliaans Dagblad

Apri voorzitter Remilia: RdK wil openheid van zaken | Antilliaans Dagblad

Willemstad – Een tanker met olie die Refineria Isla heeft verkocht aan een Amerikaanse partij, ligt vast in de haven van Curaçao. Overheids-nv Refineria di Kòrsou (RdK) wil eerst zeker weten dat de verkoop niet indruist tegen de Ofac-regels voordat groen licht wordt gegeven om uit te varen.

Gisterochtend is afgesproken dat een onafhankelijk bedrijf een audit uitvoert naar de hele gang van zaken. Als alles in orde is, zal RdK-directeur Marcelino de Lannoy vandaag de door de koper gevraagde ‘letter of comfort’ afgeven. De koper dreigde beslag te leggen op het geld, waarvan een deel al was uitgekeerd aan de ex-werknemers, maar wacht nu de uitkomst van de audit af.

Dat is gisteren duidelijk geworden tijdens een spoedvergadering van Isla-vakbonden PWFC en Apri waarvoor de ex-werknemers waren opgeroepen. Apri-voorzitter Gherrel Remilia hoopt dat de hele gang van zaken geen roet in het eten gooit. ,,Hopelijk ziet deze partij niet alsnog van de koop af”, zei hij in een live-reportage van TV Direct.

Refineria Isla is dochteronderneming van het Venezolaanse staatsoliebedrijf PdVSA en was tot januari dit jaar exploitant van de raffinaderij op Curaçao. De opbrengst van de olieverkoop is nodig om het derde deel van de afvloeiingsregeling uit te kunnen keren aan de 900 ex-werknemers van Isla.

RdK is volgens de vakbonden terughoudend met het afgeven van een ‘letter of comfort’ aan de koper omdat er twijfels zijn of de deal wel strookt met de strenge regels van de licentie die is afgegeven door de Office of Foreign Assets Control (Ofac) in de Verenigde Staten (VS). De Amerikaanse sancties tegen de regering van president Nicolás Maduro verbieden de handel tussen Venezolaanse en Amerikaanse bedrijven. Curaçao is uitgezonderd onder strenge voorwaarden die zijn vastgelegd in de licentie van vorig jaar november. De opbrengst van verkopen van olieproducten mag bijvoorbeeld niet ten goede komen aan PdVSA. RdK-directeur De Lannoy was volgens Apri-voorzitter Remilia gisterochtend nog niet overtuigd of het proces van de verkoop volgens de Ofac-regels was verlopen.

,,Refineria Isla heeft ook geweigerd om de vracht op naam van RdK te zetten”, zei Remilia.

De vakbonden kwamen gisteren in actie om de betaling aan de ex-werknemers veilig te stellen. Zij wachten al sinds april op het derde deel van de afvloeiingsregeling. Refineria Isla is met de ontslagen werknemers overeengekomen dat de afvloeiing in vijf delen wordt uitgekeerd. Dat gaat steeds om een bedrag van 20 miljoen gulden. Ook de uitbetaling van de tweede tranche liet op zich wachten, omdat een oplossing moest worden gezocht voor de verkoop van olie en de voorwaarden van de Ofac-licentie.

Met welk geld Refineria Isla het vierde en vijfde deel van de afvloeiing gaat betalen werd gisteren niet duidelijk. Volgens de vakbonden zou dezelfde partij die nu olie heeft gekocht, geïnteresseerd zijn in meer leveringen. Isla zelf heeft van meet af aan gesteld de bevroren tegoeden bij Girobank nodig te hebben voor de laatste tranches. De PdVSA-dochter heeft naar eigen zeggen 40 miljoen gulden op de bank waarvoor sinds eind 2019 een moratorium van kracht is voor bankrekeningen met 10.000 gulden of meer.

Bron: Antilliaans Dagblad

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *