Trouw | 21000 namen; Vanaf vandaag kun je door het slavenregister van Curaçao spitten

Dick Drayer

Archivaris Modianne Cathalina met de slavenregisters in het Nationaal Archief van Curaçao | Berber van Beek

Vandaag komt het slavenregister van Curaçao online. Wie wil gaan spitten, moet over veel voorkennis beschikken.

In navolging van Suriname, krijgt ook Curaçao vanaf vandaag een digitale versie van het slavenregister. Historici van de Radboud Universiteit zijn samen met het Nationaal Archief Curaçao en de Universiteit van Curaçao een project gestart om onderzoek te doen naar de doorwerking van slavernij in de levens van de inwoners van Curaçao tussen 1839 en 1950. Het eerste resultaat is dat op de websites van de Nationale Archieven van Curaçao en Nederland zowel het slavenregister (over de periode van 1838-1863) als het emancipatieregister (vanaf de afschaffing van de slavernij in 1963) bezocht kan worden.

Dat de registers vandaag online komen is niet geheel toevallig. Het is Tula-dag. Curaçao herdenkt elk jaar op 17 augustus het slavernijverleden en de grote opstand tegen de slavernij onder leiding van de slaaf Tula in 1795. Dit jaar precies 225 jaar geleden.

“De digitalisering van de oude registers is een feest”, zegt archivaris Modianne Cathalina van het Curaçaose archief. Zij toont met trots een nummer uit de digitale database van het slavernijregister van Curaçao. Binnen luttele seconden heeft zij op het scherm de informatie over haar eigen familie opgehaald. “En dat kan nu vanaf welke plaats dan ook in de wereld. Vooral voor Curaçaoënaars in Nederland is dat een uitkomst. Ze hoeven nu geen ticket meer te kopen en hier te komen, maar kunnen elk vrij uurtje thuis gebruiken om de registers te raadplegen.”

Nationaal Archief Curaçao | Berber van Beek

Iedereen die in 1863 uit slavernij werd bevrijd, kreeg verplicht een achternaam

In het slavenregister staan zo’n 21.000 namen van tot slaaf gemaakten, maar uniek zijn er zo’n 7000. Er komen veel dubbele namen voor, want bij verkoop aan een andere plantage, werd een slaaf weer opnieuw ingeschreven. In 1863 kregen mensen die uit de slavernij bevrijd werden verplicht een achternaam. Cathalina: “Die hadden ze zelf gekozen of gekregen die van hun shon, hun slavenhouder. Dat maakt het zoeken veel makkelijker.”

De digitalisering is een uitkomst voor iedereen, maar toch waarschuwt Cathalina voor al teveel optimisme. “Er is nog steeds een geoefend oog nodig om de informatie te lezen en conclusies te trekken.”

Een van die specialisten is Christel Monsanto. Ze is bestuurslid van de Stichting Vrienden van het Nationaal Archief van Curaçao en helpt mensen wegwijs te maken in de archieven. Maar kan dat nu vanachter haar bureau, thuis? “Het is niet meteen makkelijk om mee te werken, maar dat geldt ook voor de originele registers. Ik heb er drie jaar over gedaan om dit te beheersen.”

Kennis van de geschiedenis is onontbeerlijk om de namen die je vindt in een juiste relatie tot elkaar te zien. Tijdens het bladeren komt ineens de naam Iguana Monsanto tevoorschijn. “Geen familie van mij hoor, maar waarschijnlijk is zij gekocht van een slavenhouder Monsanto.

Grond is een gevoelig onderwerp onder de nazaten van slaven

Een belangrijke reden voor veel Curaçaoënaars om een zoektocht naar het verleden te beginnen, is om in aanmerking te komen voor een nalatenschap. Zo kwam Anaisa Ravenstein in aanraking met Monsanto vanwege een erfenis van 30 hectare grond. Zij moest bewijzen dat haar familie en zij dus ook nazaten waren van de eigenaar van dat stuk grond.

“Veel mensen weten niet wat ze hebben. En na verloop van tijd neemt de overheid het van je af, zo is het bij wet geregeld. Er wordt veel gerommeld met landgoederen op Curaçao. Ik heb dagen in de archieven doorgebracht, elke dag was ik daar, van maandag tot vrijdag. En elke keer als ik iets vond moest ik huilen, het was een emotionele zoektocht. Maar het is moeilijk om de namen te lezen en om verbanden te zien. Ik had hulp nodig, daar gaat de digitalisering niet bij helpen”, zegt Ravenstein.

Grond is een gevoelig onderwerp onder de nazaten van slaven. Hun voorouders op Curaçao hadden vanaf 1863 boerengrond nodig om in hun onderhoud te kunnen voorzien, maar de weinige vruchtbare bodem op het eiland was al in handen van de plantagehouders. Het leidde ertoe dat veel vrijgemaakten toch weer aan het werk moesten op de plantage. Ze mochten bijvoorbeeld blijven wonen in hun huisje, en kregen een stukje grond voor hun eigen levensbehoeften, maar moesten ook een tiental dagen per jaar beschikbaar zijn als gratis arbeidskracht. Wie zich hieraan wilde onttrekken, ging vaak aan het werk in de haven of vertrok als matroos op schepen naar andere delen van Zuid-Amerika. Volgens projectleider Coen van Galen van de Radboud Universiteit, die eerder de digitalisering van de Surinaamse slavenregisters initieerde, was de samenleving op het handelseiland Curaçao heel anders dan die in het door plantages gedomineerde Suriname. “Dat betekent dat we andere onderzoeksvragen kunnen stellen, maar ook dat we beide gebieden kunnen vergelijken.”

Lees ook:

‘Boekhouding’ van Surinaamse slaven staat nu geheel online

Iedereen die een of meerdere voorouders heeft die tot slaaf gemaakt waren op een Surinaamse plantage na 1830, kan sinds donderdag online informatie vinden over die familieleden. De Surinaamse slavenregisters zijn te raadplegen via de nationale archieven van Nederland en Suriname.

Plots duikt slavin Rebekka online op als stammoeder

Els Herrenberg en haar zoon Niels van Corven zoeken al jaren naar hun Surinaamse voorouders. Nu sinds begin deze maand de slavenregisters online staan, weten ze eindelijk meer. ‘Wie weet ligt er in Paramaribo ook nog een dagboekje.’

Bron: Trouw

Een Reactie op “Trouw | 21000 namen; Vanaf vandaag kun je door het slavenregister van Curaçao spitten

  1. Gaan Stella van Rijn en Ramsay Soemanta er Gerrit Schotte in vinden?

    En Stephen Capella en Neysa Insenia Eric Garcia?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *