Opinie | Het primaat van eigen boontjes doppen

Door Rutsel Martha

Covid-19-crisis tussen artikelen 36 en 29 Statuut | Extra

Tussen de president van de Centrale Ben Dudley Lucia, voormalig voorzitter van de Staten van de Nederlandse Antillen, is een discussie ontstaan of bij de bestrijding van de door Covid-19 veroorzaakte economische crisis Curaçao zich op artikel 36 dan wel 29 van het Statuut moet beroepen. De president van de Centrale Bank zegt dat 36 moet worden ingezet, terwijl Lucia meent een beroep op artikel 29 de geëigende weg is.

De ontstane discussie brengt twee belangrijke aspecten van de Koninkrijkstructuur naar de voorgrond. Al te vaak wordt vergeten dat het Statuut ervan uitgaat dat elk land zijn eigen boontjes moet doppen. Vandaar dat het Statuut niet voorziet in een economische en monetaire unie tussen de landen. Elk land heeft zijn eigen belastingstelsel, eigen begroting, eigen douanegebied, eigen munt en eigen betalingsbalans.

Met andere woorden het Statuut gaat uit van de monetaire-economische autonomie van de landen. Een uitdrukking daarvan vindt men in artikel 25 -26 Statuut die aan de landen een absoluut vetorecht geven bij het sluiten van internationale en economische en financiële overeenkomsten. Dit houdt in dat het Koninkrijk de landen niet tegen hun wil aan een dergelijke overeenkomst (verdrag) mag binden.

Anderzijds is het Koninkrijk verplicht om aan een de totstandkoming van een degelijke overeenkomst mee te werken indien een van de landen zich daarbij willen aansluiten. Het absoluut vetorecht moet alleen wijken wanneer de verbondenheid in het Koninkrijk zich daartegen verzet. Ik ben niet bekend met een geval sinds 1954 waarbij het absoluut vetorecht voor de verbondenheid in het Koninkrijk heeft moeten wijken.

De integratie van rijksdeel Nederland in de Europese Unie laat goed zien dat de landen elk financieel-economisch hun eigen weg kunnen opgaan zonder dat de verbondenheid in het Koninkrijk zich daartegen verzet. Dus wanneer ik zeg dat het Statuut ervan uitgaat dat elk der landen zijn eigen boontjes moet doppen, bedoel ik dat het Statuut elk land verantwoordelijk maakt voor zijn eigen economie en financiën, inclusief het welvaartsniveau in de landen.

Dus als in een bepaald land grootschalige armoede bestaat, dan is dat niet de schuld van het Koninkrijk, maar te wijten aan het beleid waarvoor het bestuur van het betrokken land heeft gekozen. Artikel 41, lid 1 Statuut zegt uitdrukkelijk: ,,Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten behartigen zelfstandig hun eigen aangelegenheden.î Met andere woorden, eigen boontjes doppen, maar ook op eigen blaren zitten.

De voormalige voorzitter van de Staten heeft in die zin een punt wanneer hij zegt dat de discussie met Den Haag moet gaan over het helpen van Curaçao om toegang te krijgen tot betalingsbalanssteun van het IMF. Omdat, ingevolge artikel 29 Statuut, leningen ten laste van het land buiten het Koninkrijk, toestemming van het Koninkrijk behoeven, moet de dialoog daartoe met rijksministerraad worden gedaan. Die mag alleen nee zeggen als dat strijdig zou zijn met een belang van het Koninkrijk.

Ik kan echter me niet voorstellen welk belang dat zou kunnen zijn. Het Koninkrijk is immers geen monetaire-economische unie; de landen zijn afzonderlijke economieÎn. Nederland heeft zelfs niet langer een eigen munt.

Als afzonderlijke economie houdt Curaçao zich afzonderlijk van Nederland en de andere landen van het Koninkrijk aan de verdragsverplichtingen die het lidmaatschap in het IMF met zich brengt. Het IMF houdt daar afzonderlijk toezicht op. Het is zelfs zo dat de ambtelijke afdeling van het IMF die verantwoordelijk is voor dat toezicht voor Nederland en Curaçao verschillen. Nederland valt onder de European Department, Curaçao ressorteert onder de Western Hemisphere Department. Deze afzonderlijke behandeling is een voortvloeisel van de bepaling in het IMF-verdrag betreffende verschillende valuta’s binnen het grondgebied van een lidstaat.

Vandaar dat Curacao, voor wat betreft de regels inzake deviezenrestricties en wisselkoersbeleid rechtstreeks verantwoording schuldig is aan het IMF. Daar gaan de tweejaarlijkse IMF-bezoeken over. Handhaving van vrije deviezenverkeer en stabiele wisselkoersbeleid zoals het IMF-verdrag vereist is alleen houdbaar wanneer het land over voldoende deviezen beschikt.

Dus indien er een tekort is aan deviezen waardoor het moeilijk wordt om zich aan die regels te houden, is het de taak van het IMF om met betalingsbalanssteun bij te springen. IMF-lidmaatschap is dus tweerichtingsverkeer. Enerzijds dienen landen zich te houden aan de zgn. ‘code of conduct for international payments’; daartegenover staat de bereidheid van het IMF hun bij te staan wanneer zij door een deviezentekort het daar moeilijk mee krijgen.

Dus indien Curaçao, zoal Lucia voorstelt, voor monetaire financiering kiest en daarvoor betalingsbalanssteun behoeft, dan is de weg naar het IMF een logische. Ik kom hierop terug.

Het primaat van eigen boontjes doppen betekent evenwel niet dat de landen niet vrijstaan om elkaar bij te staan. Hoofdstuk 3 van het Statuut gaat daarover; de zogenaamde samenwerking op autonoom terrein. Het is getiteld ‘onderlinge bijstand, overleg en samenwerking’. Ten principale gaat het daarbij om vrijwillige samenwerking.

Volgens de officiële toelichting op het Statuut is de grondgedachte dat de verbondenheid van het Koninkrijk mede consequenties heeft voor de landen waar zij in zelfstandigheid handelen. Ook daar dienen zij rekening met elkaar te houden, elkaar moreel en materieel steunen en te helpen waar dit redelijkerwijs mogelijk is.

Dit laatste punt lijkt mij van bijzonder belang voor de discussie tussen de president en Lucia. De Covid-19-crisis heeft ook Nederland diep geraakt. Is het moreel juist van Curaçao om Nederland onder deze omstandigheden om hulp te vragen? Het IMF verwacht een economische krimp van 7%. Met andere woorden ook Nederland zal maatregelen moeten treffen om de gevolgen van de crisis het hoofd te bieden.

Elk dubbeltje van de Nederlandse belastinggelden die aan Curaçao zou worden gegeven zal ten koste komen van wat Nederland voor haar eigen economie zou kunnen besteden. Onder die omstandigheden is het niet denkbeeldig dat niet van Nederland verwacht kan worden dat het de wensenlijsten van Curaçao, Aruba en Sint Maarten voor 100% financiert.

Dus, hoewel in artikel 36 Statuut staat dat ‘Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten verlenen elkander hulp en bijstand’, betekent dat niet dat die hulp verplicht is of overeen zal komen met de behoefte. Dus wanneer de president van de Centrale Bank de landen Curaçao en Sint Maarten adviseert om een beroep te doen op artikel 36 van het Statuut voor het Koninkrijk om steun van Nederland te krijgen, dan moet er rekening worden gehouden dat Nederland nee kan zeggen, of veel minder toezegt dan nodig is om de situatie het hoofd te bieden.

De scheuring die is opgetreden binnen het Cft is ontstaan duidt erop dat men in het laatste scenario is beland; Nederland wil wel helpen maar vindt dat Curaçao overvraagt. Verschillende groepen, zowel op Curaçao als in Nederland, menen dat wat Nederland bereid is om te geven niet voldoende is om de problemen aan te pakken. Het lijkt dus erop dat de Nederlandse houding niet zozeer bepaald wordt door de behoefte, maar door wat politiek aanvaardbaar is in Den Haag. Het hemd is immers nader dan de rok! Nogal wiedes.

Dit brengt mij terug bij het voorstel om naar het IMF te gaan. Bedacht moet worden dat betalingsbalanssteun door het IMF bepaald wordt door de behoefte. Het IMF-verdrag en de op grond daarvan vastgestelde beleidsbepalingen (policies) schrijven voor dat de omvang van de steun bepaald wordt door het tekort aan deviezen die nodig zijn om het wisselkoersbeleid te ondersteunen.

Vertaald naar de Curaçaose situatie, houdt dat in dat indien, zoals door Lucia wordt voorgesteld, tot monetaire financiering zou worden overgegaan, er een aanslag wordt gedaan op de deviezenvoorraad. IMF zou dan het ontstane gat kunnen dichten. Een ander aspect van het IMF-verdrag is het verbod op de inmenging in de interne politieke zaken van de landen.

Deze combinatie van hulp naar behoefte en verbod op politieke inmenging maakt een discussie met het IMF anders dan een discussie met Nederland. Lucia heeft gelijk dat een dergelijke discussie voornamelijk een discussie tussen economen zal zijn. Dat betekent niet dat Curaçao het IMF voor een voldongen feit kan plaatsen. De behoefte wordt bepaald door het effect van de eigen inspanningen van het land zelf (bijv. bezuinigen en/of herbestemming van uitgaven naar productieve investeringen).

Het IMF financiert het gat dat dan overblijft. Dat doet het in tranches, waarbij telkens wordt nagegaan of de gemaakte afspraken zijn nagekomen voordat het geld beschikbaar wordt gesteld. Voor het verhaal van Lucia valt dus veel te zeggen. De weg van artikel 29 Statuut past inderdaad beter bij het probleem dat men wil oplossen dan de weg van artikel 36 Statuut. Niets in artikel 29 sluit de toepassing daarvan in relatie tot IMF uit.

Echter, veel zal afhangen van de wijze waarop Curaçao het gesprek aangaat. Allereerst moet men beseffen dat hoewel hulp van IMF theoretisch mogelijk is, het niet eerder is voorgekomen dat het IMF-betalingsbalanssteun heeft verstrekt aan een deelstaat van een lidstaat. Bij de transactie met het IMF zal dus het Koninkrijk de formele partij zijn terwijl Curaçao de materiële partij zal zijn.

Dit komt omdat, zoals ik eerder heb gezegd, het IMF-verdrag voorziet in de mogelijkheid om de afzonderlijke valuta’s binnen het grondgebied van een lidstaat verschillend te behandelen. Dus voor de steun zal alleen met de betalingsbalans van Curaçao rekening worden gehouden en zal zullen de af te spreken voorwaarden alleen voor Curaçao gelden.

Dus Curaçao zal zelf een gedegen non-paper moeten opstellen waarin het een en ander uiteen wordt gezet. Dat document zal primair dienen voor het gesprek binnen het Koninkrijk. Pas als men het binnen het Koninkrijk met elkaar over eens is kan het gesprek met het IMF worden aangegaan. Dat zal de Centrale Bank moeten doen, binnen de beleidskaders gesteld door politiek Willemstad en waarmee de regering van het Koninkrijk heeft ingestemd. Uiteindelijk geldt ook hier dat waar er een wil is, is een weg.

De auteur, dr. Rutsel Silvestre J. Martha, is voormalige minister van Justitie van de Nederlandse Antillen. Thans voert hij leiding over Lindeborg Counsellors at Law in London. Hij was voorheen juridisch adviseur van de Bank van de Nederlandse Antillen (BNA), en was juridisch medewerker van het IMF. Hij is de auteur van onder andere ‘Effects of Self-Government and Supra-Nationalism in the International Monetary Fund: the Case of the Kingdom of the Netherlands’.

18 Reacties op “Opinie | Het primaat van eigen boontjes doppen

  1. Sata Batata

    @Pikiman Martina

    U schrijft:
    Dus gaat hij dure woorden gebruiken als Primaat, want dat komt zo geleerd over. Misschien had hij beter de betekenis kunnen opzoeken?”

    Misschien doelde Martha met het woord primaat op zichzelf?
    Zou kunnen toch?

  2. Eindelijk een weldoordachte inhoudelijke mening, zeker geen emotioneel geblaat vanaf de kant.

  3. Pikiman Martina

    Deze erudiet persoon wil graag laten zien dat hij gestudeerd heeft. Dus gaat hij dure woorden gebruiken als Primaat, want dat komt zo geleerd over. Misschien had hij beter de betekenis kunnen opzoeken?
    Verder lees ik in zijn ellenlang betoog niks maar dan ook niks over welke bezuinigingen Curacao zou moeten doorvoeren. Ook niks over terugbetalen, hoe de fondsen verdeeld zouden moeten worden etc.

    Neen, alleen maar: geef ons geld want we hebben geld nodig. Zou dat in het echte leven ook zo werken? Dan ga ik nu naar de bank toe.

  4. Martha had ook met een half a4-tje kunnen volstaan, het is wel duidelijk dat Martha jurist en geen econoom is.

    Zelf ben ik niet op de hoogte van alle regels van het IMF maar volgens mij moeten staten ook bijdragen en de vraag is welke bijdrage levert Curaçao aan het IMF fonds?

    Wat onder trekkingsrecht staat is, de landen die deviezen lenen, instemmen met een pakket van economische hervormingen die tot doel hebben om op de lange duur tot een evenwichtige betalingsbalans te komen.

    De vraag is, is dit niet gelijk aan de eisen die het CFT en Nederland van de eilanden eisen? Laten we hopen dat Dudley Lucia en Martha dit niet over het hoofd hebben gezien.

  5. Martha: wel logos maar absoluut geen ethos @ Joep Meloen @ Abraham Mossel @ Johan.

    Geef “ethici” als Martha c.s. een eiland en je krijgt Haïti in het kwadraat.

  6. @Ambulant zegt: “…Maar niemand neemt de moeite om het echt te lezen…”

    Velen, waaronder jij, nemen niet echt de moeite om het te begrijpen.

  7. Wat hij letterlijk zegt is dat we op de knieën moeten vragen of Nederland voor ons misschien bij het IMF kan aankloppen omdat de deviezen op zijn.

    De eten is 1 ding.
    Maar hoe ga je ze betalen / importeren zonder toeristen.
    We zijn failliet dus.

  8. Artikel 25 en 26 zegt dat helemaal niet.
    Maar niemand neemt de moeite om het echt te lezen.

    Artikel 25
    1. Aan internationale economische en financiële overeenkomsten bindt de Koning Aruba, Curaçao of Sint Maarten, niet, indien de regering van het land, onder aanwijzing van de gronden, waarop zij van de binding benadeling van het land verwacht, heeft verklaard, dat het land niet dient te worden verbonden.

    2. Internationale economische en financiële overeenkomsten zegt de Koning voor wat Aruba, Curaçao of Sint Maarten betreft, niet op, indien de regering van het land, onder aanwijzing van de gronden, waarop zij van de opzegging benadeling van het land verwacht, heeft verklaard, dat voor het land geen opzegging dient plaats te vinden. Opzegging kan niettemin geschieden, indien het met de bepalingen der overeenkomst niet verenigbaar is, dat het land van de opzegging wordt uitgesloten.

    Artikel 26

    Indien de regering van Aruba, Curaçao of Sint Maarten, de wens te kennen geeft, dat een internationale economische of financiële overeenkomst wordt aangegaan, welke uitsluitend voor het betrokken land geldt, zal de regering van het Koninkrijk medewerken tot een zodanige overeenkomst, tenzij de verbondenheid van het land in het Koninkrijk zich daartegen verzet.

    Dus ze moeten gewoon luisteren.

  9. Abraham Mossel

    @ Joep Meloen, je had het niet beter kunnen verwoorden wat een meeloper en konte likker Rutsel is, hij vreet zijn hele leven al van twee wallen, al er maar wat te halen is $$$$ .

  10. Joep Meloen

    Hier nog wat meer rommelwerk van Martha, om zijn vriend Schotte vrij te pleiten.
    https://antilliaansdagblad.com/nieuws-menu/14073-kritiek-martha-snijdt-geen-hout

  11. Joep Meloen

    @ Dislect,

    Een jurist, die zich zo openlijk inlaat met criminelen, verliest voor mij alle geloofwaardigheid als integer persoon. Als goed jurist distantieer je je van alles dat niet integer gedrag is of van personen die niet integer zijn. Dat je ze verdedigt in een rechtszaak kan ik begrijpen, maar je kruipt niet met ze in ‘bed’ zoals Martha altijd doet.
    Bovendien Haat Martha de makamba en Nederland, maar nu heeft hij ze kennelijk weer nodig en houdt hij weer het handje op. Misselijk makend figuur is dit, zo de wind waait waait mijn jasje, zolang het geld maar in mijn zak verdwijnt.

  12. Ik denk dat deze man een van de slimmere is, ook hij heeft deel uitgemaakt van de elite. Maar dat hoeft geen teken te zijn dat hij net zo corrupt is. Wel kan gesteld worden dat het een opprtunist is die een kans ziet om een punt te maken. Dat maakt het punt niet minder validen. Gezien het opportunisme is het slim om met argusogen te kijken.

  13. Bekijk deze foto van Rutsel Martha’s twee beste vrienden (beiden nu langdurig opgesloten in Bon Futuro) en je weet meteen hoe serieus je Rutsooi Mafiartha moet nemen:

    https://www.google.com/search?q=rutsel+martha&source=lnms&tbm=isch&sa=X&ved=2ahUKEwjsz7CBsInpAhVRRKwKHZ8LBy4Q_AUoAXoECBMQAw&biw=1600&bih=605#imgrc=UtT1fskQjbbiDM

    De man is net zo’n enge gladjanus als Douwe Boersema.

  14. Joep Meloen

    Rutsel Martha ?
    Uit de kliek van Cooper, Godett, Schotte etc.
    Volstrekt onbetrouwbaar figuur. Lees zijn ‘verdediging’ van Schotte en dan rijzen de haren je te berge.

    Maar ook in dit stuk gaat Martha niet in op de flagrante weigering van de politici (en ambtenaren) op dit eiland om de tering naar de nering te zetten. Martha heeft ook jarenlang zijn zakken lopen vullen en als ik me niet vergis strijkt hij zelfs nu nog steeds een vorstelijk pensioen op iedere maand en dat terwijl hij gewoon een andere, betaalde, baan heeft.

  15. @Ab Makam

    “De oorzaken zijn zo langzamerhand wel bekend en zijn terug te voeren op een slecht en corrupt bestuur, dat niet in staat is visionair te denken. De domheid is aan de macht.”

    Probleem is en blijft : ze hebben nul besef over het feit dat ze verantwoordelijkheden dragen en resultaten behoren te behalen.

    “Slechts met een integer en verstandig bestuur kunnen we het redden, maar dat is en blijft een illusie, met een onbenullig electoraat dat gegijzeld wordt door bovengenoemde lieden.”

    Het eiland is nog geen dictatorschap zoals Venezuela dat is geworden.

  16. ……”maar dat is en blijft een illusie, met een onbenullig electoraat dat gegijzeld wordt door bovengenoemde lieden”…….

    Yep! Zo is dat @ Ab Makam
    De listige partijen spele stuk voor stuk identiteits politiek. En ze spinnen er alleaal garen bij.

    De bevolking wordt letterlijk “dom verstand”betiteld door bepaalde politici en men organiseert Jump inns etc om bewust het dom verstand volk te plezieren voor hun stem.

    De massa tilt ze de politieke Arena binnen.

  17. Deze meneer heeft duidelijk kennis van zaken, wat het staatkundig-financieel-juridische aspect betreft. Ik begrijp de formele benadering. Maar het IMF zou wel gek moeten zijn deze klip te gaan financieren. De verstrekte gelden verdwijnen immers linea recta in de zakken van de ‘usual suspects’ en zullen dus niet of nauwelijks in de economie terecht komen. De oorzaken zijn zo langzamerhand wel bekend en zijn terug te voeren op een slecht en corrupt bestuur, dat niet in staat is visionair te denken. De domheid is aan de macht. Slechts met een integer en verstandig bestuur kunnen we het redden, maar dat is en blijft een illusie, met een onbenullig electoraat dat gegijzeld wordt door bovengenoemde lieden.

  18. Curacao revisited

    Ik ken deze man zelf niet, maar hij lijkt een stuk intelligenter dan de clowns die nu onze leiders zijn. Ook een van de weinige toppers die ook in het buitenland succesvol zijn

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *