Column Kunneman | Amoreel universum

Juridische column mr. Frank Kunneman

Prof. dr. F.B.M. Kunneman

Prof. dr. F.B.M. Kunneman

Londense bankiers leven in een amoreel universum, aldus de cultureel antropoloog Joris Luyendijk. Hij leefde drie jaar tussen en met bankiers in Londen. Hij interviewde velen van hen en bundelde die interviews in een boek. Hij probeerde te doorgronden hoe deze bankiers zelf denken over hun gigantische bonussen. Vragen zij zich ook af of deze bonussen in tijden van crisis wel gerechtvaardigd zijn? Nee dus, niet echt. Eén ding werd hem duidelijk: er is niet één moraal.

Wat in de ene cultuur of (deel van de) samenleving als juist en nastrevenswaardig gedrag wordt beschouwd, is in de andere cultuur schijnbaar verwerpelijk.

Dat geldt niet alleen in het bankwezen, maar voor het hele bedrijfsleven.
Vroeger kenden we heren van stand, om met Bommel te spreken. Nu hebben we, zeker in Amerika en in Europa, snelle jongens in een strak pak. Vroeger was een bedrijf ‘solide’, net als zijn Directie en Raad van Commissarissen. Nu vallen de grootste bedrijven omver, niet zelden door mismanagement, hebzucht en door gebrekkig toezicht. En het is allemaal openbaar en zichtbaar.

We worden er cynisch van en verbazen ons er niet eens meer over. Is dat goed of slecht? Tijden veranderen. In de Nederlandse taal ‘verdien’ je geld. In het Engels spreek je van: ‘to earn’ of van: ‘to deserve’. Dat is een belangrijk verschil.

Ook in de Nederlandse politiek heeft men zich erover verbaasd dat de directie van een bank, die met miljarden staatssteun voor een faillissement was behoed, miljoenen aan ‘bonus’ kreeg.

In de politiek zelf ligt het echter niet anders. Het gedrag van mensen die zich op strafbare wijze verrijken en daarbij zelfs misbruik maken van hun openbare ambt, wordt afgekeurd, maar ook door velen vergoelijkt en goedgepraat.

Dat zien we nu ook in onze Curaçaose samenleving. Ik vind het fascinerend dat bedrijven zich in toenemende mate zorgen maken om hun reputatierisico, maar dat dit niet altijd samengaat met een in het bedrijf ingewortelde integriteit. Het sociaal wenselijk gedrag (‘duurzame bedrijfsvoering’, ‘social responsibility’), wordt soms meer ingegeven door marketingoverwegingen dan door respect voor menselijke waarden en door bezorgdheid om de toekomst van onze planeet.

Google doet ‘groen’, maar denkt daarbij vooral aan de groene kleur van de dollar. In de financiële sector en andere delen van het bedrijfsleven is de bonus voor de directie nog heilig. ‘Als ik mijn target maar haal, dan is het goed’. Hoe die targets worden gehaald is minder belangrijk. Erst kommt das Fressen, dann komt die moral, aldus Bertold Brecht. Een integere bedrijfsvoering is kennelijk geen doel op zichzelf.

Toch is het volgens mij van cruciaal belang om je bedrijfsbreed of instellingsbreed met regelmaat af te vragen of de moraal die je uitdraagt, correspondeert met de bedrijfscultuur. Daarvoor moet je softe vragen stellen en daar houden stoere bestuurders vaak niet van. Vragen zoals ‘Waar staan we eigenlijk voor? Wat vinden we deep down in ons hart van onze bedrijfsvoering? Is die werkelijk integer?’ Succes op de korte termijn zegt daar niet veel over. Stabiliteit op de lange termijn wel.

Prof. dr. F.B.M. Kunneman is senior partner bij advocatenkantoor VanEps Kunnenman VanDoorne en hoogleraar Corporate Governance aan de UoC. Hij leidt het team dat adviseert over corporate governance. Hij schrijft en doceert al decennia over dit onderwerp.Lees meer …

7 Reacties op “Column Kunneman | Amoreel universum

  1. De grote grap van Kunnemans betoog en lobbyen voor “good” corporate governance, is dat op de website van zijn eigen kantoor geen info gegeven wordt omtrent enige eigen “eigen corporate governance.”

    Aan Kunneman de vraag dus: waarom geen info over eigen corporate gouvernance? Het voorspellende antwoord:

    Zal wel in de kluis liggen, of: “als juridische dienstverleners zijn wij al gebonden aan de wetten, regels en richtlijnen die op ons beroep toepasbaar zijn.” Bovendien hebben onze advocaten een eed afgelegd bij toelating tot de rechtbank.

    Enfin, Kunneman zal wel met een draaischijfantwoord komen als hij deze vraag beantwoordt. Indien hij hem al zou beantwoorden.

  2. Ook voor Kunneman geldt “erst kommt das Fressen, dann komt die moral” voor wat betreft UTS. Hij praat dit goed door te stellen; “We worden er cynisch van en verbazen ons er niet eens meer over. Is dat goed of slecht? Tijden veranderen.”
    Wel Kunneman volgende colomn over het universum van adviesbureaus corporate governance do they ‘earn’ or do rather ‘deserve’ that what they charge for example UTS (natuurlijk zijn het allemaal “heren van stand”).

  3. GEEN goed

  4. UTS wilde niet dat het ARC , en in feite niemand, in hun boeken kan kijken over het al dan niet zuiver handelen. UTS werd daarbij in de weigering en in de rechtszaak van advies gediend en ondersteund door ene Kunneman. Als je integriteit wilt behouden als Corporate Compliance Champion , en K slaat zich daartoe op de borst, dan blijf je weg van zulke kwesties. In ieder geval doet het goed aan zijn transparantie lijkt me. Bovendien zou hij de overheid adviseren inzake Compliance. Zo te zien met weinig succes. Even het komende rapport van Willems afwachten.

  5. Bij het woord corporate governance krijg ik altijd kriebels en als ik de teksten – van welke corporate governance dan ook – doorlees, krijg ik spontane braakneigingen. Aaneenschakelingen van woorden en gekunstelde volzinnen, die in nietszeggendheid over elkander heen struikelen.

    Corporate governance is een méér dan overbodig instrument. Liegen, oplichten en stelen is bij wet al duizenden jaren verboden. Toch gebeurt het en het blijft gebeuren, alle mooie woorden ten spijt.

    Corporate governance, is een misleidend instrument. Het geeft naar buiten toe de indruk: u kunt ons vertrouwen. Bij directies, commissarissen en raden van bestuur, gaat het echter maar om één ding: geld genereren en liefst zo snel en zoveel mogelijk. En… mochten de bestuurders beticht worden van liegen, oplichten en stelen, dan worden de duurste advocaten ingehuurd om de zaken – in hun voordeel – om te buigen.

    Een Corporate governance kan simpel volstaan met de tekst: ernstige waarschuwing ons enige oogmerk is, om als bedrijf, winst te maken. Wij zullen alle middelen aanwenden die wettelijk en moreel zijn toegelaten.

    Een uitgebreide bla-bla tekst komt per saldo op hetzelfde neer. Alleen het wollige taalgebruik van de gebruikelijke Corporate governance teksten, zet de lezer op een dwaalspoor.

    Kunneman – als hoogleraar Corporate Governance – zal het bovenstaande zeker niet onderschrijven. Hij leidt immers het team dat adviseert over corporate governance. Dat is zijn eerste broodwinning. Met de simpele voorgestelde waarschuwingstekst kan hij geen forse declaratie voor advies indienen. Mochten bedrijven vervolgens op de vingers getikt worden, dan komt zijn volgende broodwinning om de hoek kijken: als advocaat zal hij de betrokkenen proberen vrij te pleiten van de regels die hij zelf geadviseerd en opgesteld heeft. De bal is rond.

    “Niet voor het gewin maar voor het gezin” was de slogan van de Coop. Het klinkt en klonk fraai, maar zonder winst waren ze honderd jaar geleden al failliet gegaan. Door de coöperatieve vorm konden de winsten en de bestuurders beteugeld worden.

    Mjjn advies aan Kunneman: hou het simpel, de structuur en de corporate governance. De Coop bestaat al 125 jaar en iedereen realiseert zich: zonder gewin, niets voor het gezin. Eenvoud is immer het kenmerk van het ware!

    Bij het woord corporate governance krijg ik altijd kriebels en als ik de teksten – van welke corporate governance dan ook – doorlees, krijg ik spontane braakneigingen. Aaneenschakelingen van woorden en gekunstelde volzinnen, die in nietszeggendheid over elkander heen struikelen.

    Corporate governance is een méér dan overbodig instrument. Liegen, oplichten en stelen is bij wet al duizenden jaren verboden. Toch gebeurt het en het blijft gebeuren, alle mooie woorden ten spijt.

    Corporate governance, is een misleidend instrument. Het geeft naar buiten toe de indruk: u kunt ons vertrouwen. Bij directies, commissarissen en raden van bestuur, gaat het echter maar om één ding: geld genereren en liefst zo snel en zoveel mogelijk. En… mochten de bestuurders beticht worden van liegen, oplichten en stelen, dan worden de duurste advocaten ingehuurd om de zaken – in hun voordeel – om te buigen.

    Een Corporate governance kan simpel volstaan met de tekst: ernstige waarschuwing ons enige oogmerk is, om als bedrijf, winst te maken. Wij zullen alle middelen aanwenden die wettelijk en moreel zijn toegelaten.

    Een uitgebreide bla-bla tekst komt per saldo op hetzelfde neer. Alleen het wollige taalgebruik van de gebruikelijke Corporate governance teksten, zet de lezer op een dwaalspoor.

    Kunneman – als hoogleraar Corporate Governance – zal het bovenstaande zeker niet onderschrijven. Hij leidt immers het team dat adviseert over corporate governance. Dat is zijn eerste broodwinning. Met de simpele voorgestelde waarschuwingstekst kan hij geen forse declaratie voor advies indienen. Mochten bedrijven vervolgens op de vingers getikt worden, dan komt zijn volgende broodwinning om de hoek kijken: als advocaat zal hij de betrokkenen proberen vrij te pleiten van de regels die hij zelf geadviseerd en opgesteld heeft. De bal is rond.

    “Niet voor het gewin maar voor het gezin” was de slogan van de Coop. Het klinkt en klonk fraai, maar zonder winst waren ze honderd jaar geleden al failliet gegaan. Door de coöperatieve vorm konden de winsten en de bestuurders beteugeld worden.

    Mjjn advies aan Kunneman: hou het simpel, de structuur en de corporate governance. De Coop bestaat al 125 jaar en iedereen realiseert zich: zonder gewin, niets voor het gezin. Eenvoud is immer het kenmerk van het ware!

  6. Vraag is welke richting Curacao kiest na de komende verkiezingen. Kiest het voor neo-kapitalisme dan zal ‘social responsibility’ van het niveau PDVSA zijn (ku amor pa kommunidat!).
    Aristoteles had het goed gezien: “De grootste misdaden worden niet gepleegd om zich het nodige, maar om zich het overbodige te verschaffen.”

  7. Joscelin Trouwborst

    Amerikaanse moraal viert hoogtij.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *