
DEN HAAG — De politieke partij GroenLinks mengt zich na een lange periode van terughoudendheid weer in de discussie over de Isla-raffinaderij. Tweede Kamerlid Liesbeth van Tongeren stelt dat er op korte termijn actie ondernomen moet worden om de bevolking en het milieu te beschermen.
Van Tongeren verwijst in een brief aan minister Ronald Plasterk van Binnenlandse Zaken en staatssecretaris Wilma Mansveld van Infrastructuur en Milieu naar het artikel ‘Uitstoot blijft stijgen’ uit de Amigoe van 8 september en het artikel ‘Haat-liefde relatie met de raffinaderij’ uit de Volkskrant van afgelopen maandag.
Ze wil weten of de uitstoot van de raffinaderij inderdaad de normen overschrijdt en of dit in strijd is met de vergunning en met de richtlijnen van de World Health Organization.
“Deelt u de mening dat, zeker de lange voorgeschiedenis van de door de Isla-raffinaderij veroorzaakte vervuiling, ingrijpen op korte termijn strikt noodzakelijk is?” schrijft Van Tongeren. Het Kamerlid laat in het midden wie er zou moeten ingrijpen, maar vraagt vervolgens wel: “Waarom heeft de Rijksministerraad nog steeds geen actie ondernomen om de bevolking en het milieu van Curaçao te beschermen tegen de Isla-raffinaderij? Bent u bereid om de Rijksministerraad ertoe te bewegen een adequaat beschermingsniveau te treffen voor de bewoners en de luchtkwaliteit van Curaçao?”
Plasterk en Mansveld zouden op zijn minst in samenwerking met de verantwoordelijke ministers van Curaçao moeten zorgen dat de raffinaderij zich aan de geldende vergunning houdt, voegt Van Tongeren daar aan toe.
Op initiatief van de PvdA vroeg ook de Tweede Kamercommissie voor Koninkrijksrelaties vorige week informatie over de uitstoot en uitleg waarom de Rijksministerraad niet ingrijpt op dit punt.
De fractie van GroenLinks was op dat moment niet vertegenwoordigd. In het verleden stelde GroenLinks-Kamerlid Ineke van Gent met regelmaat vragen over de uitstoot van de raffinaderij. Sinds haar vertrek in 2012 gebeurt dat nog maar zelden. Bij de verkiezingen van 2012 verloor de partij zes zetels, zodat er nu nog maar vier GroenLinks-Tweede Kamerleden zijn.
Bron: Amigoe
Mevrouw van Tongeren, de norm is op dit moment ongeveer 15 doden per jaar.